You are hereBalkon- en perkplanten wonnen terrein in 2007

Balkon- en perkplanten wonnen terrein in 2007


afbeelding van Webmaster

By Webmaster - Posted on 09 Juli 2008

Particulieren besteedden in België vorig jaar 428 miljoen euro aan sierteeltproducten. Dit is een lichte stijging tegenover het jaar voordien. De belangrijkste groeiers waren de bloembollen en de balkon- en perkplanten, terwijl azalea´s, sierheesters en bloemstukken terrein verloren. Bloemen en planten zijn het meest in trek bij de 50-plussers.

Het tweede kwartaal blijft voor de totale sierteeltbesteding het topkwartaal. 34,5% van alle sierteeltaankopen worden in dit kwartaal gerealiseerd.
Snijbloemen blijven met een aandeel van 33,7% van de totale sierteeltbesteding het meest geliefd, gevolgd door balkon- en perkplanten. Als aankoopkanaal scoort de bloemenwinkel het best met een marktaandeel van 48,3%. Daarna volgen het tuincentrum en de openbare markt. Het productassortiment verschilt sterk van kanaal tot kanaal. Supermarkten en bloemenwinkels bieden vooral snijbloemen aan. Balkon- en perkplanten zijn belangrijk voor doe-het-zelfzaken, tuincentra en voor de rechtstreekse verkoop via de kweker.

5,8% van de Belgische bevolking deed vorig jaar een beroep op de tuinaannemer voor aanleg of onderhoud van de tuin.
Dit blijkt uit de registratie van de aankopen van het individuenpanel van GfK Panelservices Benelux in opdracht van VLAM.

Snijbloemen en kamerplanten stabiel in 2007

In totaal werd er vorig jaar voor 428 miljoen euro aan bloemen en planten besteed, wat overeenkomt met een besteding van 46,2 euro per capita. Ten opzichte van 2006 is de totale sierteeltbesteding met 1,5% gestegen. De gemiddelde aankoopfrequentie ligt voor bloemen en planten op 5,8 keer per jaar of minder dan één keer om de twee maanden.
Snijbloemen bezitten met 33,7% het grootste aandeel in de bestedingen, gevolgd door balkon- en perkplanten met 21,9%. Op de derde plaats komt de categorie bloemstukken en plantencomposities met een bestedingsaandeel van 15,6%, gevolgd door kamerplanten (14,7%) en bomen- en tuinplanten (11,6%). Bloembollen nemen de overige 2,5% voor hun rekening.
2007 was in tegenstelling tot 2006 opnieuw een goed jaar voor de buitenplanten: balkon- en perkplanten wonnen terrein en bomen en tuinplanten bleven stabiel. Kamerplanten en snijbloemen verloren beide lichtjes terrein.

Focus op Vlaanderen

In Vlaanderen kocht 60% van de bevolking ouder dan 11 jaar wel eens een bloem of een plantje. Voor elke categorie nam het aantal kopende individuen wel af.
Meer nog dan in België is de snijbloem hier het vaakst gekochte sierteeltproduct. Deze categorie groeide vorig jaar in Vlaanderen iets meer dan gemiddeld namelijk + 1,5% tegenover + 0,6%.
In tegenstelling tot de voorbije jaren gingen de bestedingen aan kamerplanten er in 2007 licht op achteruit, vooral in het noorden (- 4,1%). Bloemstukken en plantencomposities daalden ook qua omzet, met eveneens een grotere omzetdaling in Vlaanderen (- 5,7%).
Balkon- en perkplanten gaan er zowel in België (+ 6,5%) als in Vlaanderen (+ 5,1%) op vooruit dankzij een gestegen aankoopfrequentie. Vlaamse kopers besteedden ook minder aan bomen en tuinplanten (- 5,9%).

 

Bloemenwinkel belangrijkste aankoopkanaal

De bloemenwinkel blijft veruit het belangrijkste aankoopkanaal voor sierteeltproducten. 48,3% van de bestedingen aan bloemen en planten gebeurden vorig jaar in de bloemenwinkel. Daarna volgen het tuincentrum en de openbare markt met respectievelijk 13,7% en 11,0%. De Dis 1-supermarkt heeft een stabiel aandeel van 5,6%. Een groeier in het supermarktsegment is de hard discount. Dit kanaal steeg van 2,9% marktaandeel in 2004 naar 4,8% vorig jaar. De aankopen via de producentkweker en de doe-het-zelfzaak halen respectievelijk 4% en 1% marktaandeel.



Elk kanaal zijn eigen assortiment

Het assortiment verschilt zeer sterk per distributiekanaal. De Dis 1-supermarkt, de hard discount, de buurtsupermarkt, de bloemenwinkel en de openbare markt verkopen vooral snijbloemen. Bloemstukken en plantencomposities vormen voor de bloemenwinkel de tweede belangrijkste categorie. De doe-het-zelfzaak is gespecialiseerd in balkon- en perkplanten en kamerplanten. Het tuincentrum verkoopt vooral balkon- en perkplanten en bomen en tuinplanten. Voor de kweker zijn bomen en tuinplanten de topcategorie, op de voet gevolgd door balkon- en perkplanten.



Wie koopt wat, waar en waarom?

In 2007 werd 54% van de totale Belgische sierteeltomzet gerealiseerd in Vlaanderen maar de consumptie per capita is er met 42,7 euro lager dan in Wallonië (52,67 euro) en Brussel (45,79 euro). De hoogste sierteeltbesteding per capita vinden we in de provincie Luxemburg (62,12 euro), de laagste in de provincie Antwerpen (38,35 euro).

Wanneer we de besteding per capita per soort bekijken, dan noteren we steeds lagere bestedingen in Vlaanderen, behalve voor azalea´s. In Vlaanderen koopt men in vergelijking met Wallonië eerder bloemen en planten in de tuincentra of bloemenwinkels en vooral minder rechtstreeks bij de kwekers, in de doe-het-zelf zaken, in de supermarkten en op de openbare markt.
Vrouwen gaan het liefst naar de openbare markt, de supermarkt of rechtstreeks bij de kweker voor hun sierteeltbestedingen. Zij kiezen meer voor kamerplanten (o.a. azalea´s), bloemstukken, balkon- en perkplanten en bloembollen. Mannen gaan liever naar een bloemenwinkel of tuincentrum en kopen in verhouding meer snijbloemen, bomen en sierheesters.

De sierteeltmarkt is vooral een markt voor 50-plussers, want tuinieren is voor deze doelgroep een erg belangrijke hobby geworden. Ze zijn de grootste besteders, en dit in alle distributiekanalen. De 50-plussers verplaatsen zich het liefst naar de producentkweker en de supermarkt voor hun sierteeltbestedingen. Ook de openbare markt is in trek, vooral bij 65-plussers. De Belgische bevolking jonger dan 30 is ondervertegenwoordigd in de sierteeltmarkt. Vooral de jongeren scoren ondermaats, maar als een jonge man een bloemetje koopt, verkiest hij duidelijk de snijbloemen van de bloemenwinkel.
De Belg linkt zijn sierteeltaankopen vaak aan een speciale gebeurtenis. Ongeveer 30% van de bestedingen aan bloemen en planten zijn bedoeld voor eigen gebruik, 12% voor een uitvaart en 58% om te schenken (30,6% buiten het gezin en 27,4% binnen het gezin). Hierin zijn weinig verschuivingen merkbaar.

En daar is de lente

De lente is de topperiode voor de sierteeltverkoop. 34,5% van de sierteeltomzet wordt in het 2e kwartaal gerealiseerd. De eindejaarsperiode (4e kwartaal) komt op de tweede plaats en is goed voor 27,2% van de omzet. De tussenliggende kwartalen halen elk zo´n 19,5% aan omzet binnen. In 2007 was het opmerkelijk dat deze tussenliggende kwartalen het beter deden dan in 2006, terwijl de twee topkwartalen er op achteruit gingen.
Er zijn wel verschillen per product. De omzet van snijbloemen en kamerplanten is beperkt seizoensgevoelig. Voor snijbloemen is er een lichte uitschieter in de lente, voor kamerplanten in het vierde kwartaal. De verkoop van buitenplanten daarentegen is sterk seizoensgevoelig. 56% van de omzet van balkon- en perkplanten en 44% van de omzet van bloembollen wordt in het 2e kwartaal gerealiseerd. Het belang van de lente neemt af voor de bomen en tuinplanten: er werd in 2007 nog 40% van de omzet in dit kwartaal gerealiseerd tegenover 50% in 2006.

Hoeveel Belgen doen beroep op een tuinaannemer?

GfK vraagt ook regelmatig in welke mate het individuenpanel beroep doet op een tuinaannemer. In 2004 verklaarde 5,3% voor de aanleg of het onderhoud van hun tuin beroep te doen op een tuinaannemer. Dit schommelde de voorbije jaren en steeg in 2007 tot 5,8%. In bijna de helft van de gevallen gaat het puur om het onderhoud van de tuin. In 28% van de gevallen wordt enkel gebruik gemaakt van de dienst ´tuinaanleg´. De overige 24% vraagt de tuinaannemer voor een combinatie van aanleg en onderhoud.

Bron: Website VLAM - http://www.vlam.be
Bewerking Rudi Van Overloop

Google Ads

Wie is online

Er zijn momenteel 0 gebruikers en 19 gasten online.

Wie is nieuw?

  • Wenda en Klazien
  • bejobras
  • Llabyrint
  • Walterm
  • eelcoroos