TK-Plantengids, de unieke plantenencyclopedie van de tuinkrant
 

Fagus - Fagaceae



De beuk is een geslacht met 10 soorten bladverliezende bomen, inheems in Europa, Oost-Azië en Noord-Amerika. Ze hebben een gladde, bruingrijze stam en verspreide, eivormige bladeren, en leveren goed timmerhout. Verscheidene exotische soorten zijn in botanische tuinen in cultuur. De mannelijke katjes zijn bijna kogelvormig en lang gesteeld, hangend. De vrouwelijke katjes hebben weinig bloemen, 2 in 1 omhulsel bij elkaar. Het vruchtomhulsel (napje) is stekelig met 4 kleppen uitwijkend. De bladeren zijn ovaal of elliptisch met 5 tot 9 paar zijnerven en een bijna onmerkbaar getande rand, die in de eerste tijd fijn gewimperd is. De beuk wordt vaak gekweekt met bruine bladeren, ook met dieper ingesneden bladeren en in zuilvormige groeiwijzen. Allerlei dieren eten de vruchten, vooral vinken en mezen.

 

Planten vinden op Plantenvinder.net, de brug tussen het aanbod en de zoekende particulier
Planten vinden op Plantenvinder.net, de brug tussen het aanbod en de zoekende particulier
Waar zijn de planten van dit geslacht verkrijgbaar?
Zie deze plantenlijst
van Plantenvinder.NET

 

 

Bomen 
Fagus sylvatica - groene beuk, varenbeuk, gewone beuk
 

Naam: Fagus sylvatica

Nederlandse naam: groene beuk, varenbeuk, gewone beuk

Familie: Fagaceae

Andere gebruikte benamingen: ()

Bloeitijd: 5-6

Bloemkleur: kogelronde toefjes

Hoogte: 7.5-30

Bladeren: Bladen 4-10cm., grootste breedte in het midden

 

Planten vinden op Plantenvinder.net, de brug tussen het aanbod en de zoekende particulier
Waar is deze plant verkrijgbaar?
Zoek het op

Plantenvinder.NET

Fagus sylvatica - groene beuk, varenbeuk, gewone beuk. Klik op onderstaande foto voor laden van macro-afbeelding 1024x650 pixels

Fagus sylvatica - groene beuk, varenbeuk, gewone beuk

 Informatie, teelt: 

De Fagus sylvatica is een tot een forse, bladverliezende, zuilvormige boom uitgroeiende plant. Komt als woudvormer en bosboom van oudsher in geheel Midden- en West-Europa voor. Daarvan wordt een groot aantal cultuurvormen nog steeds veel gekweekt en aangeplant. Hij vormt een brede, hoge boom van 25-30 m hoog. De typische, dicht en laag vertakte habitus is een majestueuze verschijning in zomer en winter. De bladeren staan verspreid, op afstaande takken min of meer tegenoverstaand, zijn eirond, 5-10 cm lang, donkergroen, met gegolfde bladrand. De bladeren lopen vroeg uit en zijn dan heldergroen, in de herfst kleuren ze oranjegeel en roodbruin. jonge boompjes blijven vaak de hele winter hun bladeren behouden. De mannelijke bloemen die als kogelronde toefjes aan lange stelen hangen, zijn van belang als stuifmeelbron voor bijen. De zaden zijn eetbaar en kunnen heel goed in een koekepan met suiker gebakken worden.

Gebruik:

Het zijn bomen voor bossen, parken en, voorzover als laanboom gebruikt, brede, open groenbermen. Bovendien is dit als struik een ideale haagplant. Het blad blijft vaak in de winter aan de struiken als een natuurlijke bescherming tegen zonnebrand. De gewone beuk vraagt een kalkrijke, bij voorkeur vochthoudende maar toch goed doorlatende, humusrijke, leemachtige bodem, die goed doorwortelbaar moet zijn. Zware klei, arme droge zandgronden en natte veengronden met hoge grondwaterstand zijn voor beukenaanplant ongeschikt. Grote, blijvende veranderingen in de grondwaterstand en plotselinge veranderingen in de bodemgesteldheid veroorzaken vaak dat oudere beuken snel afsterven. Het gaat dan bijvoorbeeld om cultuurtechnische maatregelen of om wateronttrekking in nieuwe waterwingebieden. In de eerste 30 levensjaren is het schaduwverdragend vermogen groot. Op oudere leeftijd heeft de beuk echter het volle licht nodig. Zelf geeft de beuk een diepe schaduw. De schors is glad, grijzig en vrij dun. Het plotseling blootstellen aan de volle zon, bijvoorbeeld door opsnoeien of door het wegvallen van nevenstaande beuken uit een laanbeplanting kan aanleiding geven tot zonnebrand op de bast. In de steeds grotere bastscheuren kan zich gemakkelijk een slopende infectie van de Meniezwam (Nectria cinnabarina) vestigen, wat een plotselinge dood tot gevolg kan hebben. Het verdient dan ook aanbeveling jonge bomen altijd volledig beveerd en vrij dicht te planten. Geleidelijk opsnoeien dient dan pas plaats te vinden als de eigen kroon en die van nevenstaande bomen de beschaduwing van stam en stamvoet volledig kunnen overnemen. Bij het rooien van enkele bomen uit een rij, waarin de bomen elkaar schaduw geven, moet men hierop bedacht zijn. Vaak zijn dan stambeschermende cultuurmaatregelen tegen zonnebrand nodig. Behalve een waardevolle bosboom en prachtige parkboom, het laatste bij voorkeur in groepen, is de Gewone beuk op de juiste gronden een waardevolle laanboom op brede bermen en groenstroken.

Standplaats:

Alle soorten en vormen van de beuk stellen hoge eisen aan bodem en standplaats. Zij vragen een open en vruchtbare, goede doorwortelbare bodem. Beuken verdragen geen gesloten verharding. Bij bestaande bomen geen gras aanleggen, het is het groene doodskleed van de beuk.

Vermeerdering:

Door zaaien

Ziekten en plagen:

Zie voor details in de tuindokter op http://www.tuinkrant.com/tuindokter/

Standplaats lichtbehoefte

halfschaduw

- deze plant verlangt een kalkhoudende bodem (pH 6,5 of hoger)

Deze boomvorm komt voor in:

Doorlopende KROONVORM

© Copyright Marbo bedrijfspromotie
Niets van deze plantengids kan verveelvoudigd worden zonder schriftelijke toestemming van de auteur!