Apium - Apiaceae



Selderij is afkomstig uit het Middellandse Zeegebied en uit Noord-Europa. Een tweejarige groente- en kruidengewas met verschillende variëteiten. Reeds in het oude Egypte gold de selder als geneeskrachtige plant, bij de Grieken en Romeinen werd hij bovendien gebruikt voor rituele doeleinden. Vooral het groene type is in Amerika en Engeland zeer geliefd. De huidige gebruiksrassen van de selderij stammen af van de inheemse selderij. Selderij wordt voor het kruiden van voedsel, als groente en vanwege zijn vochtafdrijvende werking ook als geneeskruid gebruikt. Selderij wordt gekenmerkt door een hoog gehalte aan etherische oliën. De voornaamste 3 cultuurvariëteiten zijn: bladselderij, knolselderij en bleekselderij.

 

Planten vinden op Plantenvinder.net, de brug tussen het aanbod en de zoekende particulier
Planten vinden op Plantenvinder.net, de brug tussen het aanbod en de zoekende particulier
Waar zijn de planten van dit geslacht verkrijgbaar?
Zie deze plantenlijst
van Plantenvinder.NET

 

Groenten  - Knolselder

29973

Apium graveolens var. rapaceum

Knolselder

Apiaceae

Scherm
bloemen
familie

Er zijn twee types : langbladige en kortbladige. De kortbladige geeft de beste knolopbrengst, de langbladige is meer geschikt om nog het loof ervan te verbruiken.

 

 

Ideaal voor selder, vooral voor knolselder is een zwaardere grond, een leemgrond.
Indien we met zandgrond te maken hebben moeten we zorgen voor een grote humusvoorraad in onze grond.
Dit alles is vooral zeer belangrijk voor de knolselder. Knolselder moet geleidelijk en traag groeien zonder al te grote groeischokken. Op lichte zandgronden met weinig humus zal de groei zeer onregelmatig zijn, met name na een vochtige periode zeer sterke groei en na een droge periode praktisch geen groei.
Op zandgronden hebben we meer kans op kleinere knollen, knollen die minder goed bewaren doordat ze meer water bevatten, knollen met holle koppen en problemen met zwartkoken van de knolselders. Om dit zwartkoken te vermijden kunnen we citroen of azijn aan het kookwater toevoegen. Groeiexplosies geven holle, inrottende, sponzige knollen.

Knolselder vraagt een warme opkweek om opschieten te voorkomen. De goede kiemtemperatuur is 20°C, na kieming blijven we best 15°C dag en minimum 10-12°C nacht houden.

Selder kiemt zeer traag daarom zouden we best: voorkiemen, hiermee kunnen we een tiental dagen uitwinnen.

Voorkiemen kan gebeuren door het zaad te mengen met vochtig zand, bij kamertemperatuur of iets warmer houden. Als de eerste witte wortelpuntjes op de zaden zichtbaar zijn kunnen we gaan uitzaaien. We moeten erop letten dat de kiempjes niet uitdrogen na het zaaien.

Zaaien op warme grond! Afdekken met heel dun laagje wit zand.

Daarna verspenen in perspotjes of in bloempotjes.

Zeer belangrijk is de plantdiepte. Zowel te diep als te ondiep veroorzaakt productieverlies. De overgang wortel- stengel is zeer kort en moet net aan het grondoppervlak zitten, het hart van de plant mag zeker niet in de grond zitten.

Hoe breder we planten, hoe minder de kans op infectie door bladvlekkenziekte.

Voor knolselder wordt stikstof in 3x toegediend.
Als we alles in één keer toedienen dan hebben we vooral bij knolselder teveel blad en zal de knolvorming vertragen.
Knolselder vraagt het meeste kalium van alle gekweekte groentegewassen. Voldoende kalium is belangrijk voor de bewaarbaarheid en de uitgroei van de knol. Te weinig kalium geeft waterige knollen en ook kleinere knollen.

Een probleem op lichtere gronden is boorgebrek. Vooral bij een te hoge pH, droge grond en te veel kalk of kalium (potas) kunnen er problemen zijn. De bladstengels vertonen bruine, overdwarse spleten en donkerbruine vlekken, ze worden geel en vallen af. De knol zal vooral onderaan en binnenin bruin verkleuren.

Wanneer we daarmee problemen verwachten : Vanaf augustus en in een droge zomer vanaf juli een drietal keer bespuiten (om de maand) met een oplossing van twee gram borax per liter water (oplossen in warm water) en 10 liter water per are gebruiken.

Bladvlekkenziekte (Septoria)
Wordt ook selderplaag genoemd of selderroest. Er zijn bruingele vlekken op de bladeren met daarin zwarte puntjes. De infectie en uitbreiding gebeurt bij vochtig, warm weer. Vooral bij natte, warme zomers zal bestrijding nodig zijn. Bijvoorbeeld met een fungicide of biologisch met basaltmeel. Zorgen voor een ruime plantafstand, zodat de bladeren gemakkelijk kunnen opdrogen is hierbij ook zeer belangrijk.
Het is best om aangetaste bladeren onmiddellijk te verwijderen omdat die bij regenachtig weer voor verdere infectie zorgen.

Voor knolselder moeten we zo laat mogelijk oogsten. Het meeste gewicht komt bij in de maanden september en oktober. Indien mogelijk wachten met oogsten tot begin november. toch kan knolselder slechts weinig vorst verdragen.

Bewaren gebeurt het beste als we de knollen inzetten in de grond in een serre of koepel. In een kuil bewaren gaat voor knolselder minder goed. In de frigo bewaren bij een temperatuur van 0° C tot 1° C en een relatieve vochtigheid van 90-95%.

Recept: Restaurant De Schone van Boskoop, Boechout

Voor 4 personen:

12 plakjes Ganda Ham
1/2 knolselder
l50 gr oude kaas (bvb Breugelkaas, Bochelter, Parmezaan, Gruyère)
1 citroen
2 dl olijfolie (eerste persing)
Bereiding:

Rasp de knolselder en voeg citroensap en 2/3 van de olijfolie toe.
Breng op smaak met peper en zout.
Laat 1 uur rusten in de frigo.
Verdeel de knolseldersalade op vier borden.
Leg 3 plakjes Ganda Ham dakpansgewijs op de knolselder. Giet over elk bord een beetje olijfolie en strooi gebrokkelde kaas over het geheel.

 


Teeltschema: knolselder

 

Met medewerking van Luc Dedeene,
redacteur voor de tuinkrant over
het telen en verzorgen van groenten: 
http://www.plantaardig.com

© Copyright Marbo bedrijfspromotie
Niets van deze plantengids kan verveelvoudigd worden zonder schriftelijke toestemming van de auteur!