TK-Plantengids, de unieke plantenencyclopedie van de tuinkrant
 

Fragaria - Rosaceae



Aardbeien. Er zijn twee hoofdtypen bij deze laag blijvende kruidachtige, overblijvende, vruchtdragende planten: zij, die in de zomer één enkele fruitoogst geven en de zgn. doordragende die, zij het met tussenpozen, van juni tot oktober vruchten produceren. Beide typen zijn hybriden (uit de 18 de eeuw) van de Amerikaanse soorten Fragaria chiloensis en F. virginiana. De frisse, sappige aardbeien behoren tot de zoetste vruchten, maar sommige aardbeien worden als siermeerjarige in potten, als grondbedekkers of voor randen gebruikt. De meeste hebben witte bloemen boven kortstelig, donkergroen, glimmend blad en lange uitlopers.

 

Planten vinden op Plantenvinder.net, de brug tussen het aanbod en de zoekende particulier
Planten vinden op Plantenvinder.net, de brug tussen het aanbod en de zoekende particulier
Waar zijn de planten van dit geslacht verkrijgbaar?
Zie deze plantenlijst
van Plantenvinder.NET

 

Groenten
aardbei (consumptie) - Fragaria ananassa (x) ´Fresca´ 

Nederlandse naam: aardbei (consumptie)

Naam:  Fragaria ananassa (x) ´Fresca´

Andere gebruikte benamingen:

Bloeitijd: 5

Bloemkleur:

Hoogte min-max: 0.2-0.3

Bladeren: 3 heldergroene met getande randen

Foto van Fragaria ananassa (x) ´Fresca´, Nederlands: aardbei (consumptie), (Synoniem ) behorende tot de plantengroep Groenten

Zoek FOTO op Google


Fragaria ananassa (x) ´Fresca´  is een F1-hybride aardbei die uzelf vanaf half februari kunt zaaien in een kweekbakje bij een constante temperatuur van min. 20 ° C. De gemiddelde kiemduur bedraagt dan ongeveer 4 weken. Daarna verspenen op 5x5 cm. Uiteindelijk dan uitplanten in de vollegrond vanaf half mei op 50 x50 cm plantafstand. Fresca geeft een hoge opbrengst van grootvruchtige aardbeien.

Teeltschema


Teeltschema van aardbei (consumptie), Fragaria ananassa (x) ´Fresca´: zaaien, verspenen, planten, oogsten

TEELT Aardbeien - Fragaria

Aardbeien vragen een goed ontwaterde, ietwat lichtzure grond. Bekalking voorafgaand aan de teelt van aardbei is dan ook meestal niet nodig.
Aardbeien kunnen in de winter absoluut geen stilstaand water rond de wortels verdragen. Daarom kweken wij ook graag op licht verhoogde (20cm) bedden. We voeren de diepe grondbewerking een viertal weken vooraf uit. Op die manier kan de grond bezakken en kunnen de gestrooide meststoffen gemakkelijk zich verspreiden zodat ze geen verbranding meer kunnen veroorzaken. Indien deze vroege grondbewerking niet kan, dan moeten we voor het planten de grond rollen.

Planten

Het is heel belangrijk bij aardbeien dat het hart van de plant zich boven de grond bevindt! Zoniet is er een zeer slechte weggroei. We drukken de plant goed aan en gieten aan met water onmiddellijk na het planten.

We streven voor een aardbeiteelt in volle grond, zonder plastiekoverkapping naar 3 à 4 planten per m2. Bij teelt in grote tunnels streven we naar 6 planten per m2. We planten een dubbele rij op een plastiekstrook van 120 cm, waarvan een gedeelte ingegraven is. De dubbele rij aardbeien hebben een onderlinge afstand van 60cm. De afstand tussen de twee buitenste rijen van twee bedden is 90 cm. De afstand in de rij is 33 cm. Indien we voldoende ruimte hebben kunne we ook het éénrijig systeem toepassen. We planten hierbij op stroken plastiek van 70 cm. Daarbij planten we in de rij op slechts 25 cm en tussen de rijen op 90 cm.

Een goede plantdatum ligt tussen 10 en 20 augustus. Het ras ´Gorella´planten we liefst voor 15 augustus. Het ras ´Elsanta´ kunnen we uitstellen tot 20 augustus. De regel is: hoe groeikrachtiger het ras, hoe later we kunnen planten.

Te vroeg planten kan een te fel gewas geven in het voorjaar. Te laat planten geeft duidelijk minder bloemen in het voorjaar.

Bemesting

De organische bemesting zoals stalmest of champost geven we aan de voorteelt of het najaar voordien. We gebruiken bijvoorbeeld 10kg/m2 stalmest of 4kg/m2 champost. Een scheikundige bemesting voeren we uit minimaal 1 maand voor het planten! Aardbeien zijn heel zoutgevoelig! Een te laat uitgevoerde scheikundige bemesting zal zeker wortelverbranding veroorzaken. We gebruiken een samengestelde meststof voor groenten. We strooien deze voor de grondbewerking zodat de meststof goed verdeeld is.

Het advies luidt 80 eenheden stikstof, 80 eenheden fosfor en 200 eenheden Kalium. We kunnen aan deze hoeveelheden voldoen door bijvoorbeeld:

- 7 kg blauwe korrel (12-12-17+4MgO) per are, aangevuld met 2,5 kg patentkali.
- of ook met 10 kg 8-8-12 eveneens aangevuld met 2,5 kg patentkali.

Indien we door de voorteelt in het onmogelijke verkeren om één maand vooraf met scheikundige meststoffen te bemesten kunnen we ook gebruik maken van gedroogde organische meststoffen. Voorbeelden zijn DCM 7-8-9 of Osmo 6-7-8. We gebruiken hiervan 12 kg per are en we vullen aan met een potasmeststof onder organische vorm.

Grondbedekking

Meestal gebruikt men zwarte plastiek maar dit kan eveneens een antiworteldoek zijn, maar dat valt wel duurder uit. De plastiek wordt gelegd op een moment dat de grond voldoende vochtig is. Indien de grond nog te droog is na de grondbewerking dan wachten we er nog mee. Het zou kunnen dat we moeten beregenen vooraleer we de plastiek gaan openleggen. We kopen plastiek met een breedte van 1,20m en een dikte van 0.03mm.  Het is ideaal als we een licht verhoogd bed kunnen maken en daar de zwarte plastiek op aanbrengen.
De voordelen van een plastiekbedekking zijn snellere weggroei, geen onkruid, de grond blijft los, hogere producties.

Strobedekking brengen we aan tussen de planten en onder de vruchten van het einde van de bloei. Op die manier blijven onze vruchten proper en zullen ze ook niet verbranden op de zwarte plastiek. Het is belangrijk het stro niet te vroeg aan te brengen, anders is er meer gevaar op bevriezing van de bloemen door late nachtvorst. De grond kan namelijk geen warmte meer afgeven.

Oogsten

Alhoewel de beroepstuinders nooit twee keer plukken van eenzelfde aardbeiteelt (althans bij de openluchtteelt) lijkt het mij toch interessant voor de liefhebber om een tweede maal te oogsten van de aardbeiplanten waar wij al zoveel vrije tijd ingestopt hebben. Het grote nadeel van een tweede oogstjaar is niet dat we minder gewicht zouden oogsten, maar wel kleinere vruchten. Met andere woorden op de oude planten komen een pak meer bloemen, waardoor de plant onvoldoende energie heeft om iedere vrucht groot te laten uitgroeien. Maar deze aardbeien zijn zeker even lekker! Maar als we een goed tweede oogstjaar willen moeten we starten met de voorbereidingen onmiddellijk na het plukken! Want de bloemknoppen voor het volgende jaar moeten nu gemaakt worden!

Ziekten en plagen

  • spint

  • echte meeldauw

  • vruchtrot

  • en zoverder ...

Zie voor meer info onze website op http://www.tuinkrant.com/tuindokter

Vruchtafwisseling

Voor de liefhebber kunnen wij streven naar een teelt waar wij twee jaar na elkaar van oogsten.
Het is tevens beter de helft van de aardbeien te vervangen en op die manier steeds éénjarige en tweejarige aardbeien te kunnen oogsten.
Bij de eerste oogst kunnen we namelijk grotere vruchten oogsten dan bij de tweede oogst. Bij de tweede oogst zijn de vruchten talrijker, maar kleiner. Wel moet ervoor gezorgd worden dat er na de eerste teelt een grondige opruimingsbeurt van het oude veld gebeurt.

Meer teeltinformatie over de aardbei kunt u vinden in deze reeks boeiende aardbei-artikelen

Behoort tot de groep van de meerjarigen

Een aantal groentegewassen zijn meerjarig: doorlevende plánten die 3 tot 15 jaar op dezelfde plaats kunnen blijven staan. Ze worden niet in het systeem van vruchtwisseling opgenomen, maar krijgen een apart plaatsje in de moestuin of de kruidentuin. Ook voor de siertuin lenen ze zich, want het zijn zonder uitzondering mooie en speciale planten.

Als men echter aan het gewas de nodige verzorging en bemesting geeft, levert het bevredigende oogstresultaten af.


 


© Copyright Marbo bedrijfspromotie
Niets van deze plantengids kan verveelvoudigd worden zonder schriftelijke toestemming van de auteur!