|
Salix - Salicaceae
Salix is een geslacht met ongeveer 500 soorten winterharde, bladverliezende bomen en heesters die in grootte zeer uiteenlopen. Sommige zijn ´s winters zeer decoratief met hun gekleurde schors en slanke, neerhangende takken, andere hebben donzige, eivormig of cilindrische katjes met mannelijke en vrouwelijke bloemen aan afzonderlijke heesters. Het woord wilg is waarschijnlijk afgeleid van het Angelsaksische welig wat te maken heeft met buigzaamheid. Anderen beweren dat wilg en weide van het oud-Hoogduitse wida of het Latijnse vieo (=vlechtwerk) afstammen. Salix is afgeleid van het Oudindische salila-m wat water betekent. Andere Nederlandse namen voor de Wilg zijn: sappeipenholt, warf, wedele, wie en fluitjeshijt.De mannelijke katjes zijn meestal zijdeachtig en aanvankelijk zilvergrijs, maar worden later, wanneer de meeldraden zich ontwikkelen, geel van de helmknoppen. De vrouwelijke katjes zijn groen en onopvallend. De wilgen behoren tot onze mooiste bomen, de bloei van de wilgen is één der schoonste verschijnselen in de lente. Zowel de vrouwelijke als de mannelijke bloemen verspreiden een heerlijke honinggeur en worden druk bezocht door bijen, zweefvliegen en vlinders om de honing, die in elke bloem door één of twee honingkliertjes wordt afgezonderd.
|

Waar zijn de planten
van dit geslacht
verkrijgbaar?
Zie deze
plantenlijst
van Plantenvinder.NET
|
|
|
|
Informatie, teelt:
Salix herbacea is een
liggende, langzaam groeiende wilg, die zelden hoger wordt dan 10 cm en
draadvormige scheuten heeft. Deze kruipen ook ondergronds. De bladeren
zijn vrijwel rond, 8-20 mm breed en aan beide kanten glanzend.
Van juni tot augustus draagt hij 0,5-1,5 cm lange katjes. Deze soort is
inheems in de Europese bergen en in Noord-Azië, en komt tevens voor in
het arctische gebied van Noord-Amerika. Deze soort is een fraaie kleine
wilg voor de rotstuin.
Standplaats
lichtbehoefte
zon
- geschikt voor gebruik in
de rotstuin
- goed bruikbaar voor
bodembedekking
|