|
Cotoneaster - Rosaceae
Het geslacht Cotoneaster omvat een 50-tal soorten, meestal bladverliezende en groenblijvende struiken, zeer verschillend van uiterlijk, soms bodembedekkend. Ze groeien op iedere goede verzorgde tuingrond. Deze planten komen voor van de Himalaya tot West- en Centraal-Azië, van Europa tot Noord-Afrika. Talrijke soorten zijn belangrijk in onze tuinen omdat ze op allerlei manieren kunnen gebruikt worden. Twee soorten komen inheems in Europa voor: C. integerrimus en C. tomentosus.
|

Waar zijn de planten
van dit geslacht
verkrijgbaar?
Zie deze
plantenlijst
van Plantenvinder.NET
|
|
|
|
Heesters
- sierstruiken
Cotoneaster microphyllus - dwergmispel |
|
Naam: Cotoneaster
microphyllus
Nederlandse naam:
dwergmispel
Familie: Rosaceae
Andere gebruikte benamingen:
Bloeitijd: 5-6
Bloemkleur: wit
Hoogte min-max: 1-1.5
Bladeren: bovenzijde
glanzend groen, onderzijde zilvergrijs |


|
|
Informatie, teelt:
Cotoneaster microphyllus
is afkomstig uit Himalaya en vormt eigenlijk weinig rode bessen. Het is
een groenblijvende soort die vrij laag blijft (tot 1 meter hoog) met 5-8
mm lange bladeren, elliptisch tot omgekeerd eirond, aan de bovenzijde
glanzend groen, aan de onderzijde zilvergrijs.
De witte bloemen verschijnen in mei-juni gevolg door een aantal rode
bessen die 6 mm groot zijn. De takken groeien ietwat warrig door elkaar
heen.
Deze soort vraagt een warme en beschutte standplaats. Vooral jonge
planten kunnen wat vorstschade oplopen. Door zijn redelijke beperkte
hoogte ook bruikbaar in rots- en heidetuinen.
Vermeerderen door zaaien, stekken of afleggen
Standplaats
lichtbehoefte
zon
- deze plant is
vorstgevoelig
- deze plant is
wintergroen (groenblijvend)
- geschikt voor
gebruik in de rotstuin
- geschikt voor
gebruik in de heidetuin
- geschikt voor
groepsbeplantingen
- deze plant vormt
opvallende en aantrekkelijk bessen
- plant is erg geliefd
bij vogels
|
|