|
Cissus - Vitaceae
Cissus komt van het Griekse Kissos dat klimop betekent. Het is een geslacht met 350 soorten: voornamelijk houtige, groenblijvende klimplanten, met inbegrip van 10 soorten stam-succulenten. Er zijn zelfs enkele succulente vertegenwoordigers die veel gelijkenis vertonen met cactusachtige wolfsmelkgewassen. Ze zijn echter een stuk moeilijker op de plantenmarkt te vinden. Omwille van de lange houdbaarheid en het weelderige groen zijn een aantal bladplanten erg in trek.
|

Waar zijn de planten
van dit geslacht
verkrijgbaar?
Zie deze
plantenlijst
van Plantenvinder.NET
|
|
|
|
Informatie, teelt:
Cissus rotundifolia produceert sierlijke ranken waarmee de plant moeiteloos langs een stok of rek omhoog klimt. Aan de onderkant van het blad vormt de plant suikerkristallen, een verschijnsel dat bij meerdere kamerplanten voorkomt. Niet te verwarren met luizen dus. De plant groeit van oorsprong in het oosten van Afrika. Het blad, de naam rotundifolia zegt het al, is bijna perfect rond. Cissus rotundifolia is een hele makkelijke plant. Hij wordt daarom ook wel fool proof genoemd. Dankzij het waslaagje op het vlezige blad heeft de plant zeer weinig water nodig. De Cissus gedijt bij kamertemperatuur op lichte én donkere plekken. De houdbaarheid is dan ook uitstekend. De plant wordt aangeboden met een piramide of rek als klimmateriaal.
Standplaats
Gemakkelijk te houden, kan het gehele jaar door in de kamer blijven. Hij weerstaat gemakkelijk droge lucht, die kenmerkend is voor vele centraal verwarmde ruimten. Alle soorten gedijen het best in een losse en humeuze standaardpotgrond, waaronder als toetje een beetje goed verteerde organische mest kan worden gemengd. Een regelmatige bemesting bevordert de verdere groei, maar is geenszins noodzakelijk. Tijdens warme zomermaanden een regelmatige watergift, maar mogen nooit nat staan. Een goede drainage is dus aangewezen en u hoeft geen water te geven zolang de grond nog vochtig aanvoelt. Eens per jaar verpotten. Omdat de wortelkluit in omvang beperkt is, mag niet teveel nieuwe grond worden gebruikt.
Overwintering
In de rustperiode mag de plant koel staan. De grond mag nooit uitdrogen. De meest courante soorten verdragen zowel een warme als een koele standplaats. Temperaturen mogen schommelen tussen 12° en 24°C. Mocht het ondanks uw goede zorgen toch nog mislopen, dan snoeit u de plant fors terug.
Vermeerdering
In de zomer door kopstekken.
-
-
deze plant
is vorstgevoelig
-
deze plant
is wintergroen (groenblijvend)
-
deze plant
verlangt een kalkhoudende bodem (pH 6,5 of hoger)
-
deze plant
moet gesteund worden
-
Zone (USDA):
9-11
|
|