|
Convallaria - Convallariaceae
Een geslacht met slechts 1 soort: een winterharde kruidachtige overblijvende plant. Deze bekende plant groeit aan een vertakte, kruipende, horizontale wortelstok en verbreidt zich onder gunstige omstandigheden snel. Komt gekweekt voor en op vele plaatsen in bosstreken en op duinhellingen. De zeer welriekende bloemen worden veel bezocht door vliegen, ook wel door hommels. De planten zijn enigszins giftig.
|

Waar zijn de planten
van dit geslacht
verkrijgbaar?
Zie deze
plantenlijst
van Plantenvinder.NET
|
|
|
|
Informatie, teelt:
Convallaria majalis is
oorspronkelijk afkomstig uit Noord-Amerika en kan als bodembedekker
toegepast worden, maar woekert. Ze zijn uiterst geschikt voor het vullen
van kale plekken in de schaduw van heesters of muren is het Lelietje der
dalen. Uit kruipende wortelstokken komen enkele frisgroene, ovale
blaadjes. Ze omvatten een of meer bloeistengels, waaraan begin mei de
heerlijk geurende witte lelietjes verschijnen. Het plantje groeit het
best op niet te droge bosgrond en humusrijke tuingrond.
Gebruik:
Zet het niet in een vasteplantenborder, want het kan flink woekeren.
Lelietje der dalen is te combineren met varens, bosanemoontjes,
voorjaarshelmbloem en grootbloemmuur. In het najaar verschijnen soms
oranjerode besjes aan de bloemsteeltjes.
Giftig:
Het giftige plantje is in onze streken inheems en wordt al sinds de
vroeg middeleeuwen gekweekt.
Vermeerdering:
Door stukjes te nemen van de wortelstokken.
Standplaats lichtbehoefte
halfschaduw, schaduw
- deze plant is
vorstgevoelig
Deze plant bevat gifige plantendelen
- de plant heeft mooie
herfsttinten-
deze plant is geschikt voor aanlevering van snijbloemen
- goed bruikbaar voor
bodembedekking-
geschikt voor gebruik in wilde tuinen of natuurtuinen
- deze plant is zijn
onaantrekkelijk voor konijnen, zijn min of meer veilig voor
konijnenvraat
|