|
Informatie, teelt:
Afkomstig uit gehele
wereld en kan in langzaam stromend water. Deze soort hoeft niet te
worden geplant. De planten vormen niet eens wortels. De bebladerde
stengel ( bladkransen) zweven los in het water. Als hij in groepen staat
aangeplant lijkt het wel een sparrenbos onder water. De planten bloeien
ook onder water. Het stuifmeel van de mannelijke bloemen zweeft in het
water en bevrucht zo de vrouwelijke bloemen die in de bladoksels
zitten.
De planten heten
gedoornd omdat de vruchtjes drie stekels vertonen. Bij ongedoornd
hoornkruid zit er maar één kort stekeltje aan een vrucht. Het blad van
gedoornd hoornkruid is donkerder dan van ongedoornd hoornkruid (Ceratophyllum
submersum). Hij doet het ook nog goed in stromend water ! Tegen de
winter vormen de planten dichtbebladerde spruiten die overwinteren op de
bodem van de vijver. Doordat de planten geen wortels hebben sterft het
onderste stuk steeds af.
Verzorging:
Deze zuurstofplant MOET gewoon in elke vijver: zij leven van hetzelfde
voedsel als de algen en remmen dus de algemene algenontwikkeling in de
vijver. Gedoornd hoornblad is een zeer goede zuurstofleverancier die
liefst in de halfschaduw van de vijver groeit in diep en koel water.
Daarom zijn ze zo goed te combineren met puntkroos en krabbescheer. De
krabbescheer zorgt dan voor de nodige schaduw waardoor het water niet zo
snel door de zon kan worden opgewarmd.
Het is een kalkminnende plant die veel schuilgelegenheid aan vissen
schenkt.
Vermeerdering:
Door het afnemen van scheuten in tussen eind april en begin mei. Nijp de
nieuwe scheuten in onder een vertakking. Kort de stekken in tot een
lengte van 15 cm. Deze bovenste toppen groeien uit tot nieuwe planten.
Bij het herinplanten vormen we bosjes met 5-8 stekken bij elkaar. We
doen er en breed elastiekje om en met een steen brengen we ze zo op de
plantplaats aan.
Ziekten en Plagen:
- als gedoornd hoornblad op voldoende diepte en in koel water is
aangeplant, behouden ze hun donkergroene kleur.
- het is een kalkminnende plant: ze gaan verslijmen als ze in te zacht (Dh)
en te zuur (Ph) water staan.

|