|
Informatie, teelt:
Groene knolamaniet of Amanita phallaides heeft een 4-12 (15) cm brede hoed, licht tot donker olijf- of geelgroen, vaak ingegroeid radiair-vezelig, meestal kaal, zelden met plakjes van witte velumresten. De steel is wit- of groenachtig, vaak met gordels van witte schubjes, met hangende, van boven gevoorde ring. De steelbasis knolvormig, met een beurs van witte, vliezige velumresten. Geur vooral op latere leeftijd mierzoet. Komt voor in loofbossen, tuinen, parken en in wegbermen, vooral onder eiken: vrij algemeen,vooral in de duinen.
Is dodelijk giftig: een middelgroot exemplaar is voldoende om een mens te doden. De gifstoffen (amatoxine, phallotoxine) tasten vooral de lever aan. De eerste symptomen (koliekachtige buikpijnen, braken, aanhoudende diarree) treden meestal pas 4-16 uur na consumptie op: in 30 procent van de gevallen loopt zo´n vergiftiging dodelijk af.
|