M

Malus
appel, appelen, sierappel


Fruitbomen en struiken Sierbomen en struiken

* Malus domestica - appel, appelen, appelbomen, algemene snoei 

- de opkweek van een appelboom
- de wintersnoei 
- de zomersnoei

- snoeivoorbeeld van een leivorm

* Malus ballerina cultivars 

Malus - sierappel en hun cultivars 

* Wat kunnen de oorzaken zijn dat een appelboom onvruchtbaar is?

* De snoei van de verschillende appelrassen

 

Fruitbomen en struiken:

Malus domestica - appel, appelen, appelbomen:

Zie ook bij algemene snoei van fruitbomen


Algemene voorbeschouwingen:

Jonge appelbomen (jonger dan 4 jaar) kan men best in het voorjaar (maart/april) snoeien. Bij vroeg snoeien (december/ januari) kan er vorstschade ontstaan.

Oudere appelbomen kan men snoeien, zodra het blad gevallen is. Meestal is dit vanaf december tot maart. Niet snoeien terwijl het vriest. (Vorstschade is mogelijk).

Zwakke groeiers (met veel gemengde knoppen) kan men het eerst snoeien (januari).
Sterke groeiers (met weinig gemengde knoppen), kan men het laatste snoeien (maart).
Vroeg snoeien bevorderd de groei. Laat snoeien (april mei) remt meer de groei af.

Rode appelrassen hebben meer licht nodig dan andere rassen. Snoei zodanig dat ze beter kunnen rijpen.

Appelbomen kunnen gesnoeid worden tot een temperatuur van -5į C. Indien er teveel botten aanwezig zijn, kunt u die best tijdens de snoei reeds uitdunnen. Bewaar enkel de kloeke botten op jeugdig hout. Uitdunnen van de bot voorkomt uitputting van de boom en resulteert in een kwalitatief betere opbrengst.

jan. feb. mrt. apr. mei juni juli aug. sept. okt. nov. dec.
                       

De opkweek van een appelboom

Omdat deze erg jonge appelboom nog weinig scheuten bezit om de kroon mee op te bouwen, moet de harttak geheel worden teruggesnoeid. Op deze manier krijgen de zijscheuten een betere kans om zich te ontwikkelen en kunnen er voldoende vertakkingen uitgroeien.

Bij aankoop.

Omdat deze erg jonge appelboom nog weinig scheuten bezit om de kroon mee op te bouwen, moet de harttak geheel worden teruggesnoeid. Op deze manier krijgen de zijscheuten een betere kans om zich te ontwikkelen en kunnen er voldoende vertakkingen uitgroeien.

De takken bij deze appelboom die niet tť steil staan ingeplant, kunnen uitstekend worden gebruikt voor de opbouw van de kroon. De andere steil groeiende en concurrerende takken moeten worden teruggesnoeid. Ook te laag geplaatste zijtakken worden gesnoeid. De harttak wordt iets ingekort.

Bij aankoop.

1-Jarige appelboom:

De takken bij deze appelboom die niet tť steil staan ingeplant, kunnen uitstekend worden gebruikt voor de opbouw van de kroon. De andere steil groeiende en concurrerende takken moeten worden teruggesnoeid. Ook te laag geplaatste zijtakken worden gesnoeid. De harttak wordt iets ingekort.

Het teveel aan zijtakken wordt verwijderd. Door het terugsnoeien van de harttak en zijn concurrenten kan een nieuwe harttak, uit de bijna horizontaal staande, zijtak worden gevormd. De vlakgroeiende en redelijk sterke zijtakken worden meestal ongemoeid gelaten

Bij aankoop.

2-Jarige appelboom:

Het teveel aan zijtakken wordt verwijderd. Door het terugsnoeien van de harttak en zijn concurrenten kan een nieuwe harttak, uit de bijna horizontaal staande, zijtak worden gevormd. De vlakgroeiende en redelijk sterke zijtakken worden meestal ongemoeid gelaten.

Hoe minder de verlengenis van de harttak wordt ingesnoeid, des te slanker de kroon zal worden. Doordat de zijscheuten niet tot een sterke groei zijn geprikkeld, behouden de takken hun vlakke stand.

Hoe minder de verlengenis van de harttak wordt ingesnoeid, des te slanker de kroon zal worden. Doordat de zijscheuten niet tot een sterke groei zijn geprikkeld, behouden de takken hun vlakke stand.

 

Chronologisch snoeien

Wintersnoei

* Januari, Februari, Maart


Zomersnoei


* Mei - beurtjaren en bloemdunning:

Bij sommige appelrassen is het noodzakelijk een bloemdunning toe te passen in mei opdat ze te gevoelig zijn voor beurtjaren. Beurtjaren kenmerken zich door en jaar van teveel appels, gevolg door een jaar van te weinig vruchten. In aanmerking komen o.a. de rassen 'Laxton's Superb', 'Mantet' en 'Benoni'. Hun beurtjaren zijn wat bij te regelen door aan bloemdunning te doen bij het begin van de bloei. U kan dit doen door met een schaartje een groot deel van de bloemen weg te knippen. Laat 1 bloem per bloemtros staan, bij voorkeur de bovenste topbloem. U zal nog meer dan voldoende vruchten kunnen oogsten. Heeft u minder bloemen door bijvoorbeeld schade door late nachtvorst dan zal je uiteraard wat minder bloemen wegsnoeien.

* Juni en juli: vruchtdunning

Bij het uitdunnen van appels kan best de hoofdvrucht verwijderd worden. Dit is de vrucht die zich in het midden van de tros bevindt.
Bij het uitdunnen van appels kan best de hoofdvrucht verwijderd worden. Dit is de vrucht die zich in het midden van de tros bevindt.



* Half augustus: tijdens deze periode kan u denken aan uitbuigen.

Takken en scheuten die te steil staan of te sterk groeien kan je nu gaan uitbuigen. Dit is vooral van belang bij jonge bomen. Door het uitbuigen komt er meer evenwicht in de boom en verbetert u de verhouding tussen de groeisterkte en de vruchtbaarheid. Door in half augustus reeds te gaan uitbuigen kunt u al de bloemaanleg van volgend jaar gaan beÔnvloeden. Let erop geen scheuten uit te buigen waarvan de groei nog niet is afgesloten want dan gaat de top van deze scheut weer omhoog willen groeien en verkrijg je een tak met een bocht erin.

Uitbuigen kan op verschillende manieren. Meestal doe we dat met behulp van touwtjes. Sla nagels in de boompaal om de verschillende touwtjes aan te kunnen bevestigen. De touwtjes zodanig aanspannen dat de tak tot in de juiste hoek komt te staan. Let erop dat de touwtjes niet aan de tak kan verschuiven.

Hoek. De beste en meest gunstige hoek voor appelbomen is ongeveer horizontaal.

Eind augustus:

Waterloten, wilde scheuten en overbodige scheuten kunnen nogmaals worden verwijderd. Dit brengt rust in de boom. Tevens bevordert het de kleuring van de vruchten en de toekomstige bloembotvorming.

 

Snoeivoorbeeld van een appel leivorm

Voor de snoei:

Bij het snoeien van een appelboom in leivorm is het belangrijk om erg zorgvuldig te werk te gaan. Tenslotte moet de vorm goed behouden blijven. De snoei is erop gericht een goede oogst te bekomen. Vele overtollige zijscheuten worden verkort of helemaal weggesnoeid.

Bij het snoeien van een appelboom in leivorm is het belangrijk om erg zorgvuldig te werk te gaan. Tenslotte moet de vorm goed behouden blijven. De snoei is erop gericht een goede oogst te bekomen. Vele overtollige zijscheuten worden verkort of helemaal weggesnoeid.

 

Na de snoei:

Na het snoeien zijn alle (zij)scheuten tot op 2 knoppen gesnoeid. Dit bevorderd de vorming van vruchtdragende takken. Alle takken moeten uiteraard stevig aan het raamwerk (van tonkin stokken bijvoorbeeld) of leidraden bevestigd worden.Na het snoeien zijn alle (zij)scheuten tot op 2 knoppen gesnoeid. Dit bevorderd de vorming van vruchtdragende takken. Alle takken moeten uiteraard stevig aan het raamwerk of leidraden bevestigd worden.


 

Malus ballerina cultivars:

Ballerina zijn gedeeltelijk zelfbestuivend, maar het is toch beter als u meer dan over 1 exemplaar beschikt. Dat hoeft niet een andere Ballerina cultivar te zijn. Gewone appelbomen kunnen ook de Ballerina miniappelboompjes helpen bestuiven. Op deze wijze is een goede vruchtzetting gegarandeerd. De oogst valt rondom half september. De vruchten groeien zelfs aan de stammen!

Het snoeiwerk is bijna nihil. 

Eventueel dienen uitgroeiende zijtakken te worden ingesnoeid als die zich zouden manifesteren, het doel is de smalle 30 cm brede zuilvorm te behouden. Knip uitgroeiende takken terug tot op 3 ogen. 

Ballerina's zijn geŽnte appelbomen. Wilde grondscheuten snoeien we daarom altijd weg.

Zie meer op http://www.tuininformatie.net/tk/51/malus_ballerina.htm 


Sierbomen en struiken:

Malus - sierappel en hun cultivars

Malus - sierappelboompjes en hun cultivars:

Sierappels komen voor in zowel struik als boomvorm. Tot deze categorie behoren o.a.:
Malus atrosanguinea
Malus baccata
Malus floribunda
Malus pumila
Malus sargentii
Malus sieboldii

Struikvorm:

Deze sierheesters worden in de winter gesnoeid. Alleen het overtollige hout verwijderen en verkeerd staande takken eruit snoeien. Je zou dit ook vormsnoei kunnen noemen om de natuurlijke vorm van de boom te behouden. De snoei bestaat dus voornamelijk uit uitdunnen.

Wanneer ze jaren lang niet zijn gesnoeid, kunnen ze nog altijd sterk teruggesnoeid worden maar dat gaat wel ten koste van de bloei. Ze vormen dan wel opnieuw een mooie, verjongde heester.

Boomvorm:

Deze dus beslist niet terugsnoeien. Alleen het overtollige hout verwijderen en verkeerd staande takken eruit snoeien.


Wat kunnen de oorzaken zijn dat een appelboom onvruchtbaar is ?

Een halfstam appelboom die zeer goed groeit, maar niet wil bloemen en dus ook geen vruchten geeft. Wat kunnen de oorzaken zijn van deze onvruchtbaarheid?

Raseigenschappen: 

Malus domestica 'Schone van Boskoop ' (syn. 'Goudreinette') is een heel gekende keukenappel. Het is typisch een heel sterke groeier. Bijna alle gesteltakken en vruchttakken groeien zeer sterk. Niet zo'n sterke kopgroeier.

Rode BoskoopAndere sterkgroeiende appelrassen die ongeveer gelijkaardig kunnen behandeld worden zijn 'Karmijn de Sonnaville', 'Suntan', 'Rode Boskoop'  en andere Boskoop typen, en 'Mutsu'.

Mogelijke oorzaken van een te sterke groei?

- een verkeerde onderstam en daardoor een te sterke groei
- de entplaats zit onder de grondoppervlakte (vrijkomen van de appelcultivar)
- te prikkelende snoei, dit is groeistimulerend
- te steil groeiende gesteltakken en vruchttakken
- onevenwichtige bemesting door te veel stikstofmeststoffen
- een te laag gelegen, vorstgevoelig perceel, de bloemen bevriezen sneller
- door lentenachtvorst (vroege bloeiers)
- door een slechte of geen bestuiver
- door een beurtjaar (na een goed draagjaar)

Door een te sterke groei vermindert de kans op vorming van gemengde knoppen. Een geringe of geen bloei het volgende jaar kan dan een gevolg zijn.

Prikkelende snoei en groeiremmende snoei

De wintersnoei bij voorkeur zo laat mogelijk toepassen (tijdens of na de bloei), zodat de groei meer geremd wordt en je snoeit hierdoor ook geen toekomstige vruchten weg.

Bij de wintersnoei mag je normaal nooit gesteltakken of vruchttakken inkorten. Ook geen verlengenissen of saptrekkers inkorten! Dit geeft een te grote groeistimulans bij 'Schone van Boskoop', zodat de kans op vruchten verminderd.

Te steil groeiende gesteltakken en vruchttakken

Steil groeiende takken groeien veel sterker, verstoren de belichting in de boom en zijn over het algemeen minder vruchtbaar dan zwak groeiend hout. Een slechte belichting in de boom kan de oorzaak zijn van een slechte bloemknopzetting.

Perceelkeuze

Laaggelegen percelen zijn meestal vorstgevoeliger. De bloemen bevriezen hier sneller, zodat de kans op vruchten klein wordt. 

Vroege bloei

In vergelijking met de meeste andere appelrassen, bloeit 'Schone van Boskoop' erg vroeg. Bij een vroege bloei is de kans op schade door lentenachtvorst groter. 'Schone van Boskoop' heeft slecht stuifmeel en moet door een ander gelijkbloeiend ras bestoven worden.

Beurtjaar

'Schone van Boskoop' is erg gevoelig voor beurtjaren. Een te zware dracht die niet tijdig geplukt wordt is erg nadelig voor de productie het volgende jaar.

De oplossingen en behandelingen van zo'n boom?

Een combinatie van verschillende maatregelen is mogelijk:

- wortelsnoei is goed mogelijk bij appel

- zorg voor een goede belichting in de boom. Je kan nu reeds onbruikbare twijgen, takken uit de boom zagen of knippen. De maand juli is  beter geschikt hiervoor. Hopelijk zijn er geen andere bomen die de belichting belemmeren.

Uitbuigen (afbuigen)

Dit uitbuigen kan nu nog in augustus- begin september gebeuren, zodat je het resultaat volgend jaar kan zien. De maanden mei, juni en juli zijn normaal beter geschikt om uit te buigen.

Na het uitbuigen zouden de gesteltakken onder het horizontale door moeten zitten en dit zonder de zgn. kattenruggen.
Het uitbuigen kan je doen met touwen. Zorg dat je voldoende grote lussen gebruikt, die niet kunnen ingroeien. 

De gesteltakken en vruchttakken moet je zodanig uitbuigen of afbuigen, zodat ze als een (open) paraplu naar beneden hangen. Zijhout en vruchthout aan de gesteltakken horizontaal uitbuigen. 

Breng het touw ongeveer in het midden van de tak en buig deze voldoende diep naar beneden. Knoop het touw vast, maar zorg dat het niet kan insnoeren aan de tak. Bij een goede stand loopt de tak schuin naar beneden, zonder zgn. "kattenrug". 

Hoe hoger in de boom, des te lager mogen de takken uitgebogen worden. Bij dit werk kan af en toe takbreuk optreden. Uitgebroken takken snoei je weg.

Na enkele maanden behouden de uitgebogen takken,  twijgen hun stand en kunnen de touwen eventueel verwijderd worden.

Afbeelding uitbuigen bij 'Schone van Boskoop'

Afbeelding uitbuigen bij 'Schone van Boskoop'

1. boompaal
2. spijker
3. uitgebogen gesteltak
4. entplaats
5. aangebonden kop
6. uitgebogen jonge twijg
7. uit te buigen jonge twijg
8. zwarte gehouden boomspiegel 
9. grasstrook

Entplaats

Door jaarlijks te mulchen kan de entplaats onder de grond komen. Hierdoor kan het geŽnte ras wortels vormen, zodat de groeiverzwakking ongedaan wordt gemaakt. 
Je kan dan de entplaats opnieuw vrijmaken en eventuele wortels aan de entknobbel verwijderen. 
De entplaats zou minstens 10 cm boven de grondoppervlakte moeten zitten.

Onderstamkeuze

Indien je nieuwe laagstambomen met 'Schone van Boskoop', 'Rode Boskoop' zou kopen, dring er dan op aan dat je bomen krijgt die op de zwakke appelonderstam 'M9' geŽnt zijn. Zelf gaan enten op zaailingen van pitten geeft een bijzonder sterke groei, en dus laat vruchtbare bomen .
Voor de meeste andere appelrassen is 'M9' wat te zwak (liefhebbersteelt).

Bemesting

Niet te veel bemesten met stikstofrijke (N) meststoffen (= groeistimulerend). Bij voorkeur een samengestelde scheikundige/ organische meststof welke rijk is aan kalium (K).


De snoei van de verschillende appelrassen

Er is nogal wat verschil tussen de verschillende rassen ten aanzien van hun groei, kroonopbouw en vruchtontwikkeling. Dat heeft uiteraard een invloed op de snoei van de diverse rassen:

De snoei van Golden Delicious, Jonathan en James Grieve

Golden, Jonathan en James Grieve neigen tot en sterke groei in de kop van de boom


James Grieve

De snoei van Cox's Orange Peppin

Cox 's Orange Peppin vormt een brede kroon

Door reeds in een jong stadium van de ontwikkeling van de boom te gaan snoeien kan men een betere verhouding tussen de groei en de vruchtbaarheid bekomen. De juiste grootte en vorm van de boom kan vroeg bepaald worden. Om het effect van deze vormsnoei te behouden (zie ook opkweek van een appelboom), moet er regelmatig een onderhoudssnoei uitgevoerd worden.

Zomersnoei passen we toe als na een sterke snoei ingreep teveel waterloten zijn ontstaan. Zie ook bij algemene snoei van fruitbomen.

De snoei van Schone van Boskoop

Breed-bolvormige open kroon, geeft een schraal aanblik. Is een heel sterke groeier. Bijna alle gesteltakken en vruchttakken groeien zeer sterk. Niet zo'n sterke kopgroeier.
In de jeugdjaren niet te sterk snoeien. Beperk de snoei tot het insnoeien van de hoofdtakken om de juiste boomvorm te bekomen. Zoveel mogelijk takken uitbuigen om de vruchtbaarheid te bevorderen. Door het insnoeien van draagtakken gaat de vruchtbaarheid omlaag. Eenmaal de boom voldoende is ontwikkeld en de vruchten draagt moet er sterker worden gesnoeid. Afhankelijk van de groei neemt men dan de vrucht- en gesteltakken terug. Zorg bij de snoei voor voldoende ruimte in de boom voor een goede belichting. Door een goede snoei kan men beurtjaren onderdrukken en worden de vruchten mooier en groter

De snoei van Eijsdener Klumpke en Gronsvelder Klumpke

Vormt breed uithangende, maar toch wel stevige grove takken. Door deze vorm konden de stammen gemakkelijk uit elkaar scheuren, wat bij dit ras nogal eens voorkwam. De snoei is erop gericht deze vorm te vermijden.

De snoei van Jacques Lebel

Groeit sterk tot zeer sterk, sparrig. Vormt een boom met een kroon die beschutting tegen de wind verlangt. Gesteltakken schuinopwaarts tot horizontaal, later hangend, weinig vertakt. Aan het zijhout vruchtsporen en stekeltwijgen. Kruin schermvormig, breed tot platvormig. Jaarlijks controlesnoei en uitlichten

De snoei van Bramley's Seedling

Alleen in de jeugdperiode is het insnoeien van de gesteltakken nodig om een goed vertakte boom te vormen. Later kunt u zich bepalen tot het uitdunnen van te veel hout. De groei raakt er niet spoedig uit. Een aanleg van de kroon met weinig gesteltakken is het beste. Dit ras draagt namelijk op lang vruchthout en vormt zeer zware gesteltakken. Bij een te groot aantal gesteltakken zou de groei te ingrijpend worden om voldoende licht in de kroon te krijgen. Zodanig snoeien dat de eerste meter van de gesteltakken geen zijvertakkingen ontstaan. Maximaal 3 gesteltakken aanhouden

De snoei van Transparente de Croncels

Een korte snoei (veel wegnemen en weinig laten staan) prikkelt dit ras tot overmatige houtvorming. Lange snoei (weinig wegnemen veel laten staan) van de gesteltakken is de goede manier en als de vruchtbaarheid is ingetreden, kan men volstaan met het toepassen van uitlichtingssnoei en terugsnoeien op goede vervangingsloten. Het steile opgroeien in de jeugdjaren kan door het uitbuigen van de takken worden voorkomen.

De snoei van de notarisappel

Breed uitgaande groei. M27 en 9 geven een slechte boomvorm. Groeit matig tot sterk. Hout, bloei en jonge vruchten zijn vorstgevoelig.

De snoei van de sterappel

Door de piramidalesnoei treedt de vruchtbaarheid vrij laat op. Vindt men dit ongewenst dan kan men bij de Sterappel consequent de harttak wegnemen en een open bolkroon snoeien en zo nodig de takken uitbuigen. De vruchtbaarheid zal dan bij een goede verzorging en andere cultuuromstandigheden, niet later dan 10 jaar op zich laten wachten. Men kiest in dit geval duidelijk voor productie in plaats van een karakteristieke boomvorm. Na de vormsnoei en controlesnoei, alleen uitlichtingssnoei toepassen

De snoei van Bloemeezoet

De boom vormt zeer veel dun en slap vruchthout, dat regelmatig moet worden gedund als men jaarlijks goede oogsten van eerste kwaliteit wil verkrijgen


Literatuur:

Schnitt der ObstgehŲlze - F.Hilkenbšumer
1978 Neumann Verlag, Leipzig
Goed snoeien van fruitbomen en -struiken
Vertaling Julia Voskuil, Annemieke Mullenders
Tekeningen Hans Preusse
ISBN 90 21003392
Nederlandse Uitgave 1997 door Zomer & Keuning Boeken bv.


Guy De Kinder
www.houtwal.be (tuinlinks en fruitinformatie)
www.geocities.com/blauwbessen/ (blauwbessensite)
www.tuinkrant.com/tkarchief/guy.html (overzicht artikelen)


Monique Koops - bongerd@tuinkrant.com
http://www.bongerdgrooteveen.nl 
met vooral betrekking tot het snoeien van de oude rassen.

Voor meer plantengegevens zie de TK plantengids

Meer gegevens opzoeken over deze plant(en) kan in de TK plantengids